• Nieuws

ASF „Hoe is het verder gegaan met…?“

Al tijdens mijn tijd bij het Verzetsmuseum merkte ik al snel hoe zinvol ik het werk in het museum vind, en dat ik absoluut geschiedenis wilde gaan studeren.

Volwassen vrouw in jas in kamer met bloembehang, kinderen bij verlicht kaptafeltje; open deur naar volgende expositie

Mijn naam is Mona Gnan en van september 2020 tot augustus 2021 was ik vrijwilliger in het Verzetsmuseum Amsterdam. Wat ik me nu nauwelijks nog kan voorstellen, heeft mijn vrijwilligerswerk sterk beïnvloed: de beperkingen als gevolg van Covid-19, waaronder de sluiting van het museum voor enkele wintermaanden. Maar ook al zag mijn jaar in het Verzetsmuseum er anders uit dan dat van de vrijwilligers die niet of nauwelijks door Covid-19 werden getroffen, ben ik erg blij met de herinneringen en ervaringen die ik tijdens mijn tijd in Amsterdam heb mogen opdoen. Enerzijds vanwege de vele mensen, of het nu medewerkers van het museum of bezoekers waren, met wie ik gedachten over de Duitse en Nederlandse geschiedenis mocht uitwisselen, anderzijds omdat het de eerste keer was dat ik op mezelf ben gaan wonen.

Al tijdens mijn tijd bij het VM merkte ik al snel hoe zinvol ik het werk in het museum vind, en dat ik absoluut geschiedenis wilde gaan studeren – en ik heb net mijn bachelorscriptie in geschiedenis ingeleverd! De overtuiging dat ik daardoor het verleden en het heden beter kan begrijpen, vastgeroeste structuren kan herkennen en de politieke motivaties van de geschiedschrijving kan bevragen om de toekomst vorm te geven, motiveert me tot op de dag van vandaag. Toch was het begin van mijn studie een breuk: nadat ik daarvoor een jaar lang dagelijks met mijn collega’s van Educatie op kantoor had gezeten, in het Kindermuseum (op wielen) met kinderen en jongeren had gewerkt of met internationale bezoekers aan de balie over het museum en de Duits-Nederlandse geschiedenis had gepraat, moest ik nu de hele dag eenzaam teksten lezen en eerst Latijn leren. (Na een paar weken was ik er echter aan gewend geraakt, ook al voelde ik me aan het eind van de dag niet zo productief als na een dag in het museum). Mijn interesse in de Nederlandse geschiedenis hield echter niet op met mijn jaar in Amsterdam: Tijdens mijn studie heb ik zowel een presentatie gegeven over de biografie van Joop Ijsberg en zijn gesmokkelde brieven, die ik begin 2021 in de tijdelijke tentoonstelling „Wees moedig!“ had leren kennen, als een scriptie over het dagboek van David Koker, een Joodse gevangene in Kamp Vught, geschreven.

Naast mijn studie in Heidelberg, die naast geschiedenis ook literatuurwetenschap omvatte, heb ik bovendien een journalistieke opleiding gevolgd aan het ifp in München en een aantal stages gelopen bij verschillende Duitse mediabedrijven. Mijn interesse voor journalistiek is tijdens mijn verblijf in Amsterdam langzaam gegroeid, totdat ik het pas tijdens mijn studie echt besefte: Terwijl ik in de VM vooral onder de indruk was van de illegale pers en in mijn vrije tijd aan een kleine blog schreef, werd ik direct in de eerste collegeweek lid van de onafhankelijke studentenkrant in Heidelberg, die voor mij lange tijd net zo belangrijk was als mijn studie zelf – niet in de minste plaats omdat ik in de redactie veel vrienden heb gevonden.

Sinds het einde van mijn jaar in Amsterdam ben ik er elk jaar één keer geweest – behalve in 2025, want toen had ik helaas geen tijd vanwege verschillende afstudeeropdrachten en een semester in het buitenland in Spanje. Daarom hoop ik dit najaar weer naar het VM en al mijn favoriete plekken in Amsterdam te kunnen gaan. In de tussentijd moet ik beslissen waar ik mijn master wil doen – misschien brengt dat me daarvoor wel weer naar Nederland?